Versluierde taal - beschouwingen en visies rond de hoofddoekdiscussie
Onder deze titel heeft de vereniging Kerk en Vrede een brochure uitgebracht waarin
zij een aantal, meer politiek-maatschappelijke achtergronden achter de huidige
hoofddoekdiscussie belicht. Deze hoofddoekdiscussie, die in de meeste Westerse
landen (waaronder Turkije) sinds enkele jaren met grote heftigheid wordt gevoerd,
kenmerkt zich door een amateur-theologische oppervlakkigheid: de verplichting
om een hoofddoek te dragen zou wel of niet in de Koran staan en zou vooral getuigen
van een onderdrukkende houding jegens vrouwen.
In de brochure haalt Kerk en Vrede juist ook de niet-religieuze aspecten naar
voren. De discussie over de hoofddoek laaide vooral op na de aanslagen van 11
september 2001 en de start van de aanval op Afghanistan op 7 oktober van dat jaar,
als een Europese en binnenlandse component van een strijd tegen het terrorisme
die door velen toch ook en in toenemende mate als een oorlog tegen de islam wordt
gezien. Meer nog dan de hoogte van de minaretten, vormt de hoofddoek een zichtbaar
element van de islam in de westerse samenleving en daarmee een dankbaar doelwit.
Van de weeromstuit zijn veel jonge, zelfbewuste vrouwen in diezelfde periode juist
een hoofddoek gaan dragen. De hoofddoek is daarmee, van beide kanten, vooral ook
een politieke inzet.
Een nadere maatschappelijke beschouwing van de achtergronden van de hoofddoek
confronteert ons overigens ook zelf met de rol die (vooral niet-uitgesproken)
kledingvoorschriften spelen in de relatie tussen mannen en vrouwen en de plaats
die seksualiteit daarin inneemt. Dat de vrouw schuld heeft aan het verleiden
van de man zit, misschien wel sinds het verhaal van Adam en Eva, diep ingebakken
in ook onze westerse cultuur. Dat vrouwen, veelal zonder dat ze het zich bewust
zijn, menen zich aan bepaalde kledingvoorschriften te moeten houden is veel
algemener in de Nederlandse cultuur aanwezig dan ons lief is.
In de brochure komen ook de religieuze en culturele achtergronden aan bod van
het voorschrift om een hoofddoek te dragen. Daarin wordt ook de parallel getrokken
met de ontwikkeling van het habijt van katholieke religieuzen. Centrale invalshoek
is dat de hoofddoekdiscussie er niet uitsluitend één is tussen
moslims en westerlingen of tussen moslims onderling, maar ook betrekking heeft
op gewoontes en vooronderstellingen in onze eigen westerse cultuur.
Om de inhoud van de brochure toegankelijk te houden is deze in eigen beheer
uitgegeven en kost € 3 (te bestellen bij het secretariaat van Kerk en Vrede)
|